Omzendbrief van 25 oktober 2011 over de toepassing van de wapenwetgeving - hoofdstuk 14 - De Europese vuurwapenpas


14. De Europese vuurwapenpas

14.1. Nut
14.2. Aanvraag
14.3. Geldigheid van de EVP
14.4. Op reis met wapens
14.5. Rechten en plichten van buitenlandse houders van de EVP

De Europese vuurwapenpas, een document gecreëerd door Richtlijn 91/477/EEG, werd in ons land ingevoerd door het KB van 8/8/94 betreffende de Europese vuurwapenpassen. Hij is niet enkel geldig binnen de lidstaten van de EU, maar ook binnen de ermee verbonden landen Noorwegen, IJsland en Zwitserland.


14.1. Nut

De Europese vuurwapenpas (hierna EVP genoemd) heeft tot doel de politiediensten en de administratieve overheden van de andere landen van de EU waar een particulier zich naar begeeft, in te lichten over de wettelijkheid van diens vuurwapenbezit in België. Het is als het ware een reispas voor vuurwapens, waarop in sommige gevallen nog visa van de bezochte landen moeten worden aangebracht.

De vergelijking met een reispas is ook geldig op een ander vlak : de EVP mag alleen worden gebruikt voor een tijdelijke verplaatsing binnen de EU. Wie zijn wapen meeneemt naar het buitenland om het daar te verkopen, of wie naar het buitenland verhuist, moet de gewone procedure van uitvoer volgen.

De EVP is vooral bestemd voor jagers en sportschutters, die in het buitenland deelnemen aan een activiteit. Hij kan ook worden aangevraagd door een al dan niet erkend verzamelaar die zijn wapens wenst tentoon te stellen in een andere EU-lidstaat. Nog andere gevallen zijn denkbaar, maar de tijdelijke en particuliere aard van de activiteit is essentieel.

Er moet op worden gewezen dat de EVP de vergunningen tot het voorhanden hebben van wapens in België niet vervangt. Hij vervangt ze wel in het buitenland, waar de nationale vergunningen geen waarde hebben. Omgekeerd vervangt hij ook de vergunning van de in België met hun wapens tijdelijk verblijvende EU-inwoners die in het bezit zijn van een in hun land afgegeven EVP (429).


14.2. Aanvraag

De aanvraag van een EVP gebeurt bij de gouverneur en is gratis.

Aanvragen ingediend voor rekening van een rechtspersoon (vennootschap, vereniging) dienen te gebeuren op naam van een hiervoor aangeduide verantwoordelijke.

Als het aanvraagformulier onleesbaar of onvolledig is ingevuld, is het onontvankelijk en zal de aanvraag niet worden behandeld.

Bij de aanvraag moeten de volgende documenten worden gevoegd :

  • indien de aanvrager houder is van een jachtverlof of van een sportschutterslicentie, een kopie van die documenten;
  • indien de aanvrager wenst dat op de pas vergunningsplichtige vuurwapens vermeld worden, een kopie van zijn vergunning tot het voorhanden hebben van die wapens of van de daarmee gelijkgestelde documenten;
  • indien de aanvrager wenst dat op de pas vrij verkrijgbare wapens vermeld worden, een kopie van het registratieattest ervan op zijn naam.

Wapens toebehorend aan een derde kunnen in principe niet worden vermeld op de EVP, aangezien deze een attest vormt van het legaal wapenbezit van de houder zelf.

De betrokkene mag enkel vragen die vuurwapens op de pas te vermelden, die hij wenst mee te nemen bij een reis naar een andere lidstaat van de EU (+ Noorwegen, IJsland en Zwitserland).

De aanvraag moet worden gedaan met een formulier waarvan het model in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt en dat de provinciale wapendiensten ter beschikking stellen, o.a. op hun website. Ook de kleinhandelaars in wapens en de jagers- en schuttersverenigingen kunnen de documenten ter beschikking houden van particulieren.

De aanvraag van een EVP wordt door de diensten van de gouverneur onderzocht. Men gaat de identiteit van de aanvrager na en controleert in het CWR of betrokkene de bedoelde vuurwapens op regelmatige wijze voorhanden heeft. De gegevens van de pas zelf worden door de diensten van de gouverneur geregistreerd in het CWR.

De pas moet worden afgegeven binnen twee maanden na ontvangst van de aanvraag, voor zover die volledig was. De gouverneur kan zijn bevoegdheid delegeren aan een of meer medewerkers.

Een zelfde persoon mag slechts meerdere EVP's op zijn naam aanvragen als hij daarvoor een gegronde en aanvaardbare reden opgeeft.


14.3. Geldigheid van de EVP

De Richtlijn beperkt de maximale geldigheidsduur van de EVP tot een éénmaal hernieuwbare termijn van vijf jaar. Op dat ogenblik (voor het einde van die termijn) moet een nieuwe aanvraag worden ingediend waar de originele pas wordt bijgevoegd. De hernieuwingsaanvraag mag gebeuren met het formulier voor een wijziging. Wanneer de EVP alleen éénschotswapens met gladde loop vermeldt, bedraagt de maximale geldigheidsduur ervan evenwel 10 jaar.
Een aanvraag tot wijziging van de EVP gebeurt onder dezelfde voorwaarden als een eerste aanvraag. De originele pas moet worden bijgevoegd. De nieuwe EVP wordt op dezelfde manier afgegeven als de oorspronkelijke pas.

Artikel 6 van het KB bepaalt daarnaast dat de lokale politie uit eigen beweging zal overgaan tot een aanvraag tot wijziging, wanneer een wapen voorkomend op de pas het voorwerp heeft uitgemaakt van een intrekking van de vergunning tot het voorhanden hebben ervan door de gouverneur. In dit geval past het dat :
(1) de lokale politie online in het CWR verifieert of er een EVP werd afgegeven, waarop dit wapen vermeld staat;
(2) in bevestigend geval, de EVP wordt ingetrokken door de gouverneur;
(3) wanneer nog andere wapens (vermeld op de EVP) voorhanden worden gehouden, de politie aan de gouverneur vraagt over te gaan tot de schrapping ervan.


14.4. Op reis met wapens

De pas heeft geen andere functie dan aan de buitenlandse overheden te bevestigen dat de houder in orde is met de Belgische regelgeving over het voorhanden hebben van de wapens die op de Europese pas zijn vermeld.

Naargelang van hun wetgeving leggen de overige lidstaten van de Europese Unie al dan niet beperkingen op aan de tijdelijke invoer van wapens op hun grondgebied : die is ofwel verboden, ofwel onderworpen aan een vergunning, ofwel vrij.

  • als de tijdelijke invoer verboden is, mag de bezitter niet in dat land reizen met zijn wapen, zelfs al is hij in het bezit van een EVP;
  • als hij aan een vergunning onderworpen is, moet de bezitter zijn EVP aan de buitenlandse overheid voorleggen voor zijn vertrek, om een visum te laten aanbrengen dat dezelfde waarde heeft als een vergunning tot het tijdelijk voorhanden hebben van de wapens, behalve als het land in kwestie dit niet eist;
  • als de invoer vrij is, kan de bezitter zich naar dat land begeven met zijn wapens en zijn EVP, zonder voorafgaande formaliteiten.

De houder moet de nodige informatie tijdig inwinnen, bij voorkeur rechtstreeks bij de overheid van het land dat hij wenst te bezoeken (en de landen die hij over land zal doorkruisen). Hierbij moet worden opgelet, want ook de buitenlandse wetgeving is onderhevig aan evolutie.


14.5. Rechten en plichten van buitenlandse houders van de EVP

De Belgische politiediensten worden bij controles geconfronteerd met onderdanen van andere lidstaten van de Europese Unie die een EVP voorleggen, afgegeven door hun overheid.

De houder van een pas die in het buitenland is afgegeven, kan rechtsgeldig de erop vermelde wapens tijdelijk naar België meebrengen als het wapens zijn die hier niet verboden zijn. Hij moet steeds de aanwezigheid van de wapens in België kunnen verantwoorden, bijvoorbeeld door middel van een uitnodiging voor de jacht of voor een sportwedstrijd. Het voorafgaand visum van de Staatsveiligheid is niet meer nodig.

Hij mag de munitie meebrengen die overeenstemt met zijn behoefte tijdens het verblijf in België. Die hoeveelheid munitie is theoretisch beperkt tot 150 patronen, uitgezonderd wanneer betrokkene kan bewijzen dat zijn activiteit het gebruik van een grotere hoeveelheid munitie noodzakelijk maakt, bijvoorbeeld voor bepaalde sportwedstrijden.

Als de politiediensten twijfels hebben over de geldigheid van het document dat hen wordt voorgelegd, worden zij verzocht contact op te nemen met het CWR dat ertoe gemachtigd is contact te nemen met de bevoegde overheden van de andere lidstaten en beschikt over modellen van Europese passen die door buitenlandse overheden worden afgegeven.

VERWIJZINGEN

(429) Dit betekent dus dat een in België verblijvende inwoner van een EU-lidstaat tijdelijk vergunningsplichtige vuurwapens mag voorhanden houden zonder vooraf een vergunning model 4 aan te vragen (indien de EVP geldig is en indien zijn wapens erop zijn ingeschreven). Hij mag evenwel geen nieuwe wapens verwerven met de EVP.